home > Luchtwegallergieën > Een chronische aandoening

Luchtwegallergie :

een chronische aandoening…

die kan verergeren

Een luchtwegallergie is een langdurige aandoening die kan verergeren en tot allergisch astma kan leiden

 

Waarom heb ik een luchtwegallergie?

Allergie zijn is erfelijk: iemand wiens ouders aan allergie lijden zal deze allergische (of « atopische ») tendens waarschijnlijk erven. De omgeving speelt ook een rol, ook al weten we hier nog niet zo veel over. De hygiënehypothese1 stelt dat overdreven hygiëne tijdens de vroege kinderjaren de ontwikkeling van allergische aandoeningen stimuleert, aangezien het immuunsysteem hierdoor verandert en begint te vechten tegen schijnbaar onschadelijke stoffen, zoals pollen en huisstofmijten. Andere onderzoekers hebben vraagtekens geplaatst bij deze theorie en zijn van mening dat een hoog niveau van blootstelling aan allergenen zoals huisstofmijten2-3 en vervuiling4 gedurende de kindertijd allergie en allergisch astma kan veroorzaken.

 

De natuurlijke ontwikkeling van de aandoening: de « allergische mars »

Een allergie ontwikkelt zich meestal tijdens de kindertijd en kan levenslang blijven aanhouden, met variërende symptomen die in meerdere of mindere mate ongemak veroorzaken. In een eerste fase wordt de patiënt overgevoelig voor voedsel. Deze voedselallergieën, die bij kinderen heel vaak voorkomen, nemen later vaak in ernst af of verdwijnen zelfs volledig. In hun plaats ontwikkelt er zich een overgevoeligheid voor ingeademde allergenen, met luchtwegallergieën zoals rinitis en later astma tot gevolg. Vervolgens kan de patiënt ook overgevoelig worden voor andere allergenen: dit staat bekend onder de naam polysensibilisatie.

 

Het wordt nog ingewikkelder!

In Europa lijdt 1 op de 5 luchtwegallergiepatiënten aan een ernstige vorm van de aandoening, die we aanduiden als « gemiddeld tot ernstig »5. De allergie kan problemen in de bovenste luchtwegen (Neus, Keel en Oor) en in de onderste luchtwegen (bronchiën) veroorzaken:

  • Ontstekingen en infecties: otitis, sinusitus, tonsillitis, vooral bij kinderen.6
  • Slaapapneu – en de gevolgen ervan: verstoorde slaap, vermoeidheid enz.7
  • Astma in 40% van de gevallen. 80% van de astmapatiënten leed daarvoor al aan een allergie8 !

iStock_000009402602Small

Een aandoening die te vaak genegeerd wordt

8 op de 10 allergiepatiënten leren – met de nodige moeite – met hun luchtwegallergie9 , te leven en meer dan 4 op de 10 hebben niet eens een officiële diagnose10 … Gemiddeld raadplegen ze een allergoloog nadat ze 7 jaar lang van de ene dokter naar de andere doorverwezen worden!11

 


[1] David Strachan, Hay fever, hygiene, and household size, Brit Med J 299:1259-1260, 1989
[2] Huss K et al. House dust mite and cockroach exposure are strong risk factors for positive allergy skin test responses in the Childhood Asthma Management Program. J Allergy Clin Immunol. 2001 Jan;107(1):48-54.
[3] Lau S, Illi S, Sommerfeld C et al. Early exposure to house-dust mite and cat allergens and development of childhood asthma : a cohort study. Multicentre Allergy Study Group. Lancet 2000 ; 356 : 1392-7.
[4] Morgenstern V et al. Atopic diseases, allergic sensitization, and exposure to traffic related air pollution. Am J Respir Crit Care Med 2008; 177: 1331-7.
[5] White P. et al. Symptom control in patients with hay fever in UK general practice: how well are we doing and is there a need for allergen immunotherapy? Clinical and Experimental Allergy. 1998: 28: 266-270
[6] Sih T, Mion O. Allergic rhinitis in the child and associated comorbidities. Pediatr Allergy Immunol 2010: 21: 107–113.
[7] Koinis-Mitchell D, Craig T, Esteban CA, Klein RB..Sleep and allergic disease: a summary of the literature and future directions for research. J Allergy Clin Immunol. 2012 Dec;130(6):1275-81
[8] Blaiss MS. Rhinitis-asthma connection: epidemiologic and pathophysiologic basis. Allergy Asthma Proc 2005; 26: 35–40
[9] Valovirta E. Patients Perceptions and Experience of House Dust Mite Allergy in European Survey. European Respiratory Disease. 2012
[10] Bauchau V, Durham SR. Prevalence and rate of diagnosis of allergic rhinitis in Europe. Eur Respir J. 2004 Nov;24(5):758-64.
[11] Leynadier F. Bases du traitement en allergie respiratoire. Revue française des laboratoires. 281 (1996) 41-45